Moord, brand en dakloosheid

Schrijven brengt vooralsnog niet genoeg op. Ik moet dus werken voor mijn dagelijks brood. Dat doe ik in een nachtopvang voor daklozen. Ik moet zeggen dat de heisa die politiek en media elk jaar in de winter rond het probleem van daklozen maken om het tegen de lente weer te begraven kotsbeu ben. daarom schreef ik vorige lente onderstaand opiniestuk. Het verscheen eerder op Apache in mei 2010 & in Tiens Tiens nr. 22 in de zomer van 2010.

De barre winter ligt reeds ver achter ons en op het strand van Blankenberge zijn de eerste frigoboxen gesignaleerd. Bij het minste streepje zonlicht verkalken de aders der autostrades richting kust. Geen hond denkt nog aan zijn dakloze medemens. Daarvoor hebben we de hype nodig die media en politiek ieder jaar orkestreren: elke winter opnieuw kleuren de televisies grauw en grijs met beelden van ongewassen en bebaarde drinkebroers, stemmenpakkers met tranen in de ogen en oude besjes die hun hemel trachten te verdienen door een tas poedersoep te schenken aan de zieltogende ongelukkige die voor haar deur op de kille kasseien crepeert.

Zodra het kwik echter weer boven het nulpunt komt piepen verdwijnen die beelden als sneeuw voor de zon. Maar de daklozen en het probleem dakloosheid zelve? Die zijn een pietsje hardnekkiger.

Psychiatrische patiënten

Hoewel we ons nu in het jaar 2010 bewegen, heeft de doorsneeburger nog altijd een zwaar vertekend clichébeeld van de dakloze. De televisiegod zal het, jammer maar helaas, niet laten dat beeld te bevestigen. De daklozen in Gent, en met enige goede wil kan men extrapoleren naar alle Belgische steden, zijn echter een bijzonder heterogene groep.

Het percentage ‘typische’ daklozen (baard, plastiek zakken, drankkegel) valt in het niets in vergelijking met de veelheid aan kleur, leeftijd, geloof, nationaliteit en geestesgesteldheid die aangetroffen wordt in de verschillende initiatieven voor nachtopvang in Gent. Zo zijn er gezinnen met kinderen (veelal Roma), jonge, goedgeklede en gecoiffeerde allochtonen die niet zouden misstaan in een hippe danstempel, psychiatrische patiënten die net ontslagen zijn uit een instelling, sans-papiers, mensen die door hun partner uit het huis gezet zijn na een ruzie en die geen naaste familie of vrienden hebben waar ze kunnen overnachten noch het geld om alle dagen op hotel te gaan, enzovoort.

We kunnen dus veilig stellen dat er ook niet meteen één, one size fits all, oplossing is voor deze problematiek. En laat het nu net dat zijn wat politieke konkelaars of op scoren beluste nieuwsdiensten ons vaak voorspiegelen.

Discrepanties

De sympathie en het medeleven van de goede burger flakkert het hoogst op tijdens ongure weersomstandigheden: in de winter of bij regenweer. Als we de cijfers voor het jaar 2008 van de nachtopvang die CAW Artevelde in Gent bestiert er even bij nemen, blijkt echter dat er in de koudste maanden van het jaar niet veel meer mensen geweigerd werden wegens volzet dan in de zomer. Soms ligt het aantal weigeringen in de winter zelfs opmerkelijk lager: januari telde zo 51 weigeringen terwijl juli er 125 had. Dat is toch niet wat je zou verwachten?

De meest voor de hand liggende verklaring is de opleving van menslievendheid in de winter: de familie van de dakloze duldt hem zo rond oud en nieuw enkele dagen binnenshuis en er worden extra initiatieven genomen door stad en staat. Die verklaring is echter niet afdoende.

Een andere verklaring is dat CAW Artevelde in de wintermaanden van 2008 dertig bedden ter beschikking stelde in plaats van twintig, maar ook dat verklaart de discrepanties in de cijfers niet.

Evenredige groei

De overkoepelende reden is simpeler en wordt duidelijk na gesprekken met de daklozen zelf: in de winter doen ze meer hun best om zelf een oplossing te vinden. Als de nachtopvang in de zomer volzet is en de zon gaart tot 25 graden Celsius, dan is het geen ramp om eens een nachtje onder de sterrenhemel te vertoeven. Bij -5 graden is dat andere koek.

Velen willen het risico niet lopen om in de vriezekou voor een gesloten deur te staan en gaan ’s winters proactiever op zoek naar onderdak. Die stelling wordt ook bevestigd door de evenredige groei die het daklozenpubliek doormaakt naarmate er bedden bij komen in Gent. In de winter van 2008 waren er zoals gezegd dertig bedden beschikbaar, in de winter van 2009 waren dat er zeventig. CAW Artevelde opende immers een nieuwe locatie waar vijftien bedden werden vrijgegeven en het Rode Kruis baatte een loods uit waar nog eens dertig mensen konden slapen.

Klootzakken en profiteurs

Je zou kunnen denken dat er daardoor minder weigeringen geweest zijn in 2009. Niets is echter minder waar. In oktober 2009 waren er bijvoorbeeld 318 weigeringen tegenover 113 in 2008 en in november 2009 werden 431 mensen geweigerd tegenover 123 in 2008.

Hoe kan zoiets? Simpel: geef een gedesillusioneerde, gedemotiveerde dakloze zolang hij wil gratis onderdak, een bed en eten, en zijn motivatie om onderdak, laat staan werk, te vinden is nihil.

Is dat de schuld van de dakloze? Uiteraard niet. Natuurlijk zitten er ook klootzakken en profiteurs bij, net zoals er klootzakken en profiteurs bij de bankmanagers, werklozen, cliniclowns en postbodes zitten. Maar we hebben het hier over mensen die buiten de maatschappij leven, mensen die het afgeleerd hebben te functioneren in een normale werkomgeving, mensen die de zorg voor zichzelf hebben opgegeven. Die krijg je nu eenmaal niet zomaar in een-twee-drie aan de montageband in de autofabriek.

Extreme levensomstandigheden

Met die cijfers en gegevens lijkt het voor de hand te liggen om te concluderen dat men beter de oorzaken van dakloosheid aanpakt in plaats van des winters enkele pleisters op houten poten te plakken. Zoals eerder vermeld zijn die oorzaken echter heel verschillend en is er dus ook hier geen overkoepelende oplossing. Als je de kostgangers van de nachtopvang nader bekijkt, kun je ze wel ruwweg in enkele categorieën onderverdelen.

Zo zijn er de psychiatrische patiënten die ontslagen worden maar die geen familie of verblijfplaats meer hebben. Je zou denken dat men iets meer aan nazorg doet in zo’n instelling, maar velen glippen door de mazen van het net en belanden op straat, waar hun symptomen door de extreme levensomstandigheden vaak snel weer opduiken.

Drugsverslaafden die willen afkicken, kijken aan tegen lange wachtlijsten in afkickcentra. Of er wordt hen, na een bloedtest, vrolijk medegedeeld dat ze “niet genoeg drugs in hun bloed hebben” om een opname te verantwoorden. Probeer maar eens genoeg drugs te scoren als je je kostje uit vuilnisbakken bijeen scharrelt.

Kraakpand

Soms zorgt de stad Gent eigenhandig voor dakloosheid. Daarginds is er sinds enkele jaren een toevloed van Roma. De oorzaak hiervan is even simpel als absurd: de bus die Europa doorkruist van Roemenië naar Spanje heeft in België slechts één stopplaats: in Gent. De Roma kraakten al snel enkele leegstaande panden, maar werden daar door de stad Gent buiten gebonjourd. Om het kraken tegen te gaan. In plaats van naar een structurele oplossing te zoeken werden die mensen hardhandig verwijderd (dixit een persfotograaf die eveneens hardhandig werd verwijderd en die liever onbekend blijft) om nadien onder politiebegeleiding naar de nachtopvang gebracht te worden om aldaar bedden in te nemen die konden dienen voor mensen zonder kraakpand.

Mensen zonder papieren moeten jarenlang wachten tot hun procedure doorploeterd is en kunnen ondertussen niet legaal werken, huren of – voor de gierigaards onder ons – belastingen betalen.

Wat nu gezongen?

Men weet waar dakloosheid zoal door kan worden veroorzaakt. Daar worden studies over gemaakt. Maar in plaats van die aanleidingen tot dakloosheid aan te pakken staan onze politieke leiders liever – overigens in samenzang met de verzamelde media – luidkeels te brullen om meer bedden en roepen ze ons op om “solidair” te zijn. Dat is hun oplossing: meer bedden en solidariteit. Waarom? Omdat dat er makkelijker ingaat bij de modale burger. Die moet men toch niet om de oren slaan met meer plaatsen in afkickcentra, meer sociale woningen of kortere wachtlijsten en meer personeel in psychiatrische instellingen? Neen, de burger wil dat zijn zuurbetaalde belastingcenten naar kopjes koffie gaan die worden uitgedeeld op straat en televisiegewijs tot in de huiskamer gestraald worden om zo ons collectief schuldgevoel te bevredigen. Dat is wat de politiek denkt. Dat is wat de media doen.

En dan komen de stromen op gang van “solidaire” mensen die overschotten van het kerstdiner, oude kleren die ze toch gingen weggooien (of minder doordachte giften zoals espadrilles in de winter) aan de ingang van de nachtopvang droppen.

Publieksgeile zenders

Die wilde weldoeners zijn verontwaardigd als de medewerkers die gulle giften weigeren. Ze maken zich foeterend uit de voeten in plaats van te luisteren naar de redenering daarachter: de daklozen krijgen soep en brood in de nachtopvang en daarmee uit. Als er kledij of kalkoengebraad uitgedeeld wordt, riskeer je ook mensen aan te trekken die wel een huis hebben, maar geen geld voor kalkoengebraad of kleren. En die bezetten dan bedden die een ‘echte’ dakloze goed kan gebruiken.

Hoe kunt u dan wel helpen? Ga een ochtend, een avond of een nacht meedraaien als vrijwilliger in een opvang voor daklozen, vorm uzelf een goed beeld van de zaak, schrijf een brief naar uw volksvertegenwoordiger om te vragen dat die de wortel van het probleem aanpakt en niet de uitwassen daarvan, maar vooral: beloon publieksgeile zenders en populistische politiekers niet met kijkcijfers en hoge stemuitslagen.

Advertenties
Dit bericht werd geplaatst in Opinie, Tekst en getagged met , , . Maak dit favoriet permalink.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit / Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit / Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit / Bijwerken )

Google+ photo

Je reageert onder je Google+ account. Log uit / Bijwerken )

Verbinden met %s